ECLI:NL:RBNHO:2020:2417
Rechtbank Noord-Holland
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing proceskostenveroordeling na intrekking kort geding over beslag
Eiser heeft Van der Vleuten en Klarna A.B. gedagvaard in een kort geding met betrekking tot de opheffing van een beslag. Voor de zitting op 8 januari 2020 trok eiser de vordering in. Klarna A.B. liet weten geen beslissing over proceskosten te wensen, waardoor alleen de zaak tegen Van der Vleuten bleef.
Van der Vleuten maakte aanspraak op vergoeding van proceskosten, omdat eiser de vordering had ingetrokken zonder dat het beslag volledig was opgeheven. Eiser stelde dat Van der Vleuten na dagvaarding een deel van het betwiste bedrag had uitgekeerd, wat niet werd weersproken.
De voorzieningenrechter oordeelde dat Van der Vleuten als gedeeltelijk in het ongelijk gestelde partij moest worden beschouwd, aangezien zij gedeeltelijk aan de vordering had voldaan. Omdat het beslag niet volledig was opgeheven, was eiser ook gedeeltelijk in het ongelijk. Daarom werden de proceskosten gecompenseerd en droeg iedere partij haar eigen kosten.
Uitkomst: Proceskosten worden gecompenseerd en de vordering tot proceskostenveroordeling wordt afgewezen.