Uitspraak
Rechtbank noord-holland
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 12 november 2020 in de zaak tussen
[X] , wonende te [Z] , eiser,
de inspecteur van de Belastingdienst/Particulieren, kantoor Arnhem, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Dhr [B] heeft hierover de volgende dag telefonisch contact met mij opgenomen, om te vertellen dat door het aangaan van een wettelijke verplichting er een schuld ontstaat.
In mijn geval is bovenstaande ook op mij van toepassing.”
koop-/aanneemsom van € 414.950. In deze overeenkomst is onder meer het volgende bepaald:
“III De totale koop-/aanneemsom bedraagt:Avoor wat betreft de koopsom:
EUR *
a. de grondkosten en de sub III.C. van deze akte bedoelde vergoeding: verschuldigd per de in het hoofd van deze akte genoemde datum van overeenkomen en te betalen bij de Levering;
1 Te declareren zodra met de bouw van het hoofdgebouw een aanvang is
€ 6.300, voor levering € 23.625 en bij montage € 1.575);