ECLI:NL:RBNHO:2018:4056
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Schorsing vervolging en beëindiging strafzaak wegens HIV-gerelateerde dementie verdachte
De rechtbank Noord-Holland behandelde op 6 april 2018 de zaak tegen verdachte, die sinds november 2016 gedwongen is opgenomen op een BOPZ-afdeling vanwege HIV-gerelateerde dementie. De geestelijke toestand van verdachte is zodanig dat hij niet in staat is zijn belangen te behartigen en de vervolging te begrijpen.
Op grond van medische rapporten en informatie van het expertisecentrum concludeerde de rechtbank dat de geestvermogens van verdachte ernstig zijn aangetast en dat er geen uitzicht is op herstel. De officier van justitie en de raadsman sloten zich aan bij het verzoek tot schorsing van de vervolging en beëindiging van de strafzaak.
De rechtbank besloot de vervolging op te schorten op grond van artikel 16 Sv Pro en vervolgens, gelet op het ontbreken van uitzicht op genezing, de zaak te beëindigen conform artikel 36 Sv Pro. Hiermee wordt formeel de vervolging gestaakt, hoewel hervatting mogelijk blijft als herstel zou optreden, wat echter als vrijwel uitgesloten wordt beschouwd.
Uitkomst: De rechtbank schorst de vervolging en verklaart de strafzaak beëindigd wegens onherstelbare HIV-gerelateerde dementie van verdachte.