Uitspraak
Rechtbank noord-holland
uitspraak van de meervoudige kamer van 21 augustus 2017 in de zaken tussen
[X] B.V., gevestigd te [Z] , eiseres
Procesverloop
Overwegingen
1. Algemeen
Rechtbank Noord-Holland
Eiseres, een logistiek dienstverlener en douane-expediteur, voerde beroepen in tegen naheffingsaanslagen van de Belastingdienst/Douane voor onjuist ingedeelde pindacrackers in de periode maart 2008 tot en met juni 2009. De discussie betrof de juiste indeling van de goederen in de gecombineerde nomenclatuur (GN), waarbij eiseres de producten onder GN-post 2008 had aangegeven, terwijl de douane de indeling onder GN-post 1905 handhaafde.
Eiseres stelde dat de douane had moeten afzien van de naheffing wegens een vergissing van de douaneautoriteiten en dat extrapolatie van laboratoriumonderzoek naar eerdere zendingen niet toegestaan was. De douane voerde aan dat er geen vergissing was en dat de producten identiek waren, waardoor extrapolatie gerechtvaardigd was.
De rechtbank oordeelde dat eiseres, als ervaren marktdeelnemer, de vergissing redelijkerwijs had kunnen ontdekken, mede gezien eerdere uitspraken en communicatie. De rechtbank vond dat de douane terecht extrapoleerde op basis van monsteronderzoeken en dat eiseres onvoldoende bewijs had geleverd dat er geen sprake was van identieke goederen.
Daarom verklaarde de rechtbank de beroepen ongegrond en bevestigde de naheffingsaanslagen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond en bevestigt de naheffingsaanslagen voor douanerechten op pindacrackers.