ECLI:NL:RBNHO:2017:4034
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling geschiktheid rijbewijs na psychiatrisch onderzoek en ongeldigverklaring
Eiseres werd geconfronteerd met een besluit van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) tot ongeldigverklaring van haar rijbewijs, gebaseerd op een vermoeden van onvoldoende rijvaardigheid en lichamelijke of geestelijke geschiktheid. Dit vermoeden volgde op een melding van de politie en leidde tot een psychiatrisch onderzoek door een onafhankelijke psychiater. De psychiater stelde vast dat eiseres leed aan ADHD en borderline persoonlijkheidsstoornis, wat haar rijgeschiktheid beïnvloedde.
Eiseres betoogde dat haar behandelaar een positiever verslag had opgesteld en dat het psychiatrisch onderzoek onzorgvuldig was, mede omdat het slechts een momentopname betrof. De rechtbank oordeelde echter dat het verslag van de psychiater geen gebreken vertoonde en dat het verslag van de behandelaar niet gelijkgesteld kon worden aan een specialistisch rapport zoals vereist volgens de Regeling eisen geschiktheid 2000.
De rechtbank volgde de psychiater in diens oordeel dat het gedrag van eiseres, waaronder incidenten met een voertuig en een conflict met een politieagent, buiten het normale gedrag viel en passend was binnen haar psychiatrische stoornissen. Het eerdere besluit tot onderzoek was onherroepelijk en eiseres moest het onderzoek ondergaan. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de ongeldigverklaring van haar rijbewijs wordt ongegrond verklaard.