Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen
3.Bewijs
De rechtbank acht bewezen dat daarbij een op een vuurwapen gelijkend voorwerp is gebruikt. Aangever heeft afwisselend over een pistool en een geweer gesproken, terwijl medeverdachte [medeverdachte] heeft verklaard dat het een jachtpistool, een kermisding was.
4.Kwalificatie en strafbaarheid van het feit
5.Strafbaarheid van verdachte
6.Motivering van de sanctie
7.Beslissingen ten aanzien van het beslag
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
1 (één) jaar.