ECLI:NL:RBNHO:2016:8833
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank bevestigt rechtmatigheid informatiebeschikkingen inzake buitenlandse bankrekening en verplicht tot aanvullende gegevensverstrekking
Eiser heeft beroep ingesteld tegen informatiebeschikkingen van de Belastingdienst die betrekking hebben op de aanwending van een aanzienlijke buitenlandse bankrekening bij Kredietbank Luxembourg (KBL) over de jaren 2011 en 2012. De Belastingdienst had deze beschikkingen opgelegd omdat eiser geen volledige informatie had verstrekt over het vermogen dat hij eerder bij KBL aanhield.
De rechtbank stelt vast dat eiser tot 31 augustus 2000 rekeninghouder was van de KBL-rekening, die toen werd afgesloten. Eiser heeft verklaard dat hij het resterende saldo in contanten heeft opgenomen en geconsumeerd, maar heeft geen schriftelijk bewijs geleverd ter onderbouwing van de aanwending van het vermogen na 2000. De Belastingdienst mocht daarom in redelijkheid verwachten dat eiser nadere gegevens verstrekt over de bestemming van het vermogen.
De rechtbank oordeelt dat eiser niet voldoende heeft voldaan aan zijn informatieverplichtingen op grond van artikel 47 van Pro de Algemene wet inzake rijksbelastingen (Awr). De beroepen worden ongegrond verklaard, maar eiser krijgt alsnog de mogelijkheid om binnen vier weken na het onherroepelijk worden van deze uitspraak alsnog de gevraagde gegevens te verstrekken. Een proceskostenveroordeling wordt niet opgelegd.
Uitkomst: De beroepen worden ongegrond verklaard, maar eiser krijgt alsnog de mogelijkheid om aanvullende gegevens te verstrekken.