Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Vonnis in de zaak van:
[naam], wonende te [plaats]
[naam ged sub 1], wonende te [plaatsnaam]
[naam ged sub 2], wonende te [Plaats]
Het procesverloop
De vaststaande feiten
Hoewel de heer [man] er vanuit gaat dat uw cliënten in afwachting van de uitkomst van het hoger beroep geen uitvoering aan het vonnis zullen geven, ben ik toch maar al met mijn werkzaamheden gestart. Dit voor het geval dat uw cliënten aan dat verzoek van de heer [man] geen gehoor zullen geven.”
Het vorenstaande leidt tot de conclusie dat de man([man])
, noch zijn echtgenote gehouden zijn dan wel waren tot het afleggen van rekening en verantwoording aan de erfgenamen([de erfgenamen])
ter zake van het vermogen van oma. De man stelt terecht dat een dergelijke verplichting ook niet kan worden gegrond op artikel 3:296 BW Pro zoals de rechtbank heeft overwogen. Nu geen sprake is van een verplichting tot het afleggen van rekening en verantwoording, was de man niet gehouden tot het op zijn kosten doen opstellen van een accountantsrapport, waartoe de rechtbank hem overigens niet heeft verplicht, maar de keuze heeft gelaten. De man heeft echter omtrent voormelde kosten geen vordering ingesteld, zodat het hof daarover niet hoeft te beslissen.”