Uitspraak
Met de raadsman van verdachte is de rechtbank van oordeel dat het onder feit 1 en feit 2 ten laste gelegde medeplegen niet wettig en overtuigend kan worden bewezen.
Rechtbank Noord-Holland
De rechtbank Noord-Holland heeft verdachte veroordeeld voor twee afzonderlijke gewapende overvallen op supermarkten in Heemskerk en Haarlem, gepleegd in maart 2013. Verdachte bedreigde de caissières met een op een vuurwapen gelijkend voorwerp en dwong hen tot afgifte van geld en sigaretten. Hij bekende de feiten, maar werd vrijgesproken van medeplegen wegens onvoldoende bewijs voor nauwe samenwerking met een medeverdachte.
De rechtbank achtte de feiten bewezen op basis van bekentenissen, proces-verbalen van aangiften, getuigenverhoren en wapenexpertise. De strafbaarheid werd niet betwist. De rechtbank benadrukte de ernst van de delicten, de psychische impact op de slachtoffers en de financiële schade voor de supermarkteigenaren.
De officier van justitie eiste zeven jaar gevangenisstraf, welke eis door de rechtbank werd gevolgd. De verdediging pleitte voor een lagere straf vanwege de omstandigheden waaronder verdachte handelde, waaronder vermeende bedreiging, maar dit werd door de rechtbank verworpen. Verdachte had eerder soortgelijke delicten gepleegd en was voorwaardelijk in vrijheid gesteld, maar had zich niet aan de voorwaarden gehouden.
Daarom werd ook de voorwaardelijke invrijheidstelling herroepen voor een periode van 730 dagen. De rechtbank legde een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van zeven jaar op, met aftrek van voorarrest. Medeplegen werd niet bewezen verklaard, waardoor verdachte op dat punt werd vrijgesproken.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot zeven jaar gevangenisstraf en de herroeping van zijn voorwaardelijke invrijheidstelling voor 730 dagen.