ECLI:NL:RBNHO:2013:CA2300
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing compensatieclaim passagiers wegens buitengewone weersomstandigheden bij vluchtvertraging
De passagiers vorderden compensatie van Transavia Airlines vanwege een vertraging van meer dan drie uur op hun vlucht van Amsterdam naar Nice op 22 december 2009. Zij baseerden hun vordering op Verordening (EG) nr. 261/2004 en het Sturgeon-arrest, stellende recht te hebben op €250 per passagier.
Transavia verweerde zich met het beroep op buitengewone omstandigheden, namelijk krachtige rugwind en extreme rukwinden in Nice, waardoor het te gevaarlijk was om te landen. De passagiers betwistten dit en stelden dat Transavia op een andere landingsbaan had moeten kiezen of na uitwijken naar Genua alsnog naar Nice had moeten vliegen.
De kantonrechter oordeelde dat de slechte weersomstandigheden inderdaad buitengewone omstandigheden zijn die Transavia niet kon voorkomen. De bevoegdheid tot baankeuze ligt bij de verkeerstoren en het was onvoorzienbaar wanneer de luchthaven Nice weer kon worden aangevlogen. Daarom faalt de vordering en worden de passagiers veroordeeld tot betaling van de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot compensatie wegens vluchtvertraging wordt afgewezen wegens buitengewone weersomstandigheden.