ECLI:NL:RBNHO:2013:5601
Rechtbank Noord-Holland
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid wrakingsverzoek na einduitspraak in zaak uithuisplaatsing minderjarige
Verzoekster heeft op 5 juni 2013 wraking verzocht tegen de rechters die op 30 mei 2013 een beschikking hadden gegeven in een zaak over de ambtshalve verlenging van een machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige. De wrakingskamer heeft beoordeeld dat het verzoek pas na de einduitspraak van 30 mei 2013 is ingediend, waardoor de wet geen grond biedt voor wraking.
De rechtbank heeft in de hoofdzaak de uithuisplaatsing ambtshalve verlengd tot 17 juni 2013 en later tot vijf weken na 30 mei 2013, met het oog op het verkrijgen van aanvullende informatie. Verzoekster stelde dat deze verlenging zonder overleg en zonder geldig indicatiebesluit onrechtmatig was.
De voorzitter van de meervoudige kamer heeft schriftelijk gereageerd dat een wrakingsverzoek na een einduitspraak niet ontvankelijk is. De wrakingskamer bevestigt dit en verklaart verzoekster niet ontvankelijk zonder inhoudelijke behandeling. Tegen deze beslissing is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Verzoekster is niet-ontvankelijk verklaard in haar wrakingsverzoek omdat dit na een einduitspraak is ingediend.