Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
EN
HET VERLOOP VAN DE PROCEDURE
- de beschikking van de rechtbank Alkmaar van 23 mei 2001 te wijzigen in die zin dat de vastgestelde bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding (hierna: kinderbijdrage) ten behoeve van de thans jongmeerderjarige [jongmeerderjarige], geboren in[geboorteplaats], op [geboortedatum] (hierna te noemen [jongmeerderjarige]), met ingang van 8 januari 2012 op nihil wordt gesteld, dan wel op een door de rechtbank te bepalen bedrag en ingangsdatum;
- en daarbij te bepalen dat het meerdere dat na die datum op de man is verhaald dan wel door man is betaald, aan hem zal worden terugbetaald;
- de beschikking van de rechtbank Alkmaar van 23 mei 2001 te wijzigen in die zin dat de vastgestelde kinderbijdrage ten behoeve van de minderjarige [minderjarige], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] (hierna te noemen [minderjarige]), met ingang van 1 juni 2012, dan wel de datum van indiening van het verzoekschrift, zal worden bepaald op € 87,82 per maand, dan wel op een door de rechtbank te bepalen bedrag en ingangsdatum;
- en daarbij te bepalen dat het meerdere dat na die datum op de man is verhaald dan wel door man is betaald, aan hem zal worden terugbetaald.
- het verzoek ten aanzien van [jongmeerderjarige] af te wijzen en ten aanzien van het subsidiair verzoek geen bijdrage vast te stellen lager dan € 212,00 per maand;
- het verzoek ten aanzien van [minderjarige] integraal af te wijzen;
- de beschikking van de rechtbank Alkmaar van 23 mei 2001 aldus te wijzigen dat de daarbij vastgestelde kinderbijdrage ten behoeve van [minderjarige] wordt vastgesteld op
DE BEHANDELING VAN DE ZAAK
€ 2.591,00. De rechtbank houdt voorts rekening met de op de heer [voormalige echtgenoot] van toepassing zijnde heffingskortingen. De rechtbank is van oordeel dat, gelet op het inkomen van de vrouw en het inkomen van de heer [voormalige echtgenoot], de woonlasten aldus dienen te worden verdeeld dat de heer [voormalige echtgenoot] 2/3 van deze lasten voor zijn rekening dient te nemen. Het eigenwoningforfait komt daarmee op € 1.000,00 per jaar en de rente en kosten van de hypothecaire lening op € 9.610,00 per jaar. De aan de hypotheek verbonden levensverzekering bedraagt aldus € 45,00 per maand. Het forfait overige eigenaarslasten bedraagt € 63,00 per maand. De premie ziektekostenverzekering bedraagt € 160,00 per maand. Het eigen risico bedraagt € 18,00 per maand. De omgangskosten van de heer [voormalige echtgenoot] met zijn eigen drie kinderen bedragen € 110,00 per maand. Ten aanzien van de opgevoerde posten bijzondere kosten en werkelijke verwervingskosten acht de rechtbank het redelijk rekening te houden met een bedrag van € 67,00 voor de reiskosten en € 50,00 voor de kledingkosten.
€ 1.555,00 per maand, waarvan € 1.088,00 beschikbaar is voor een bijdrage. Inclusief het fiscaal voordeel heeft de heer [voormalige echtgenoot] een draagkracht van € 1.238,00 per maand. De heer [voormalige echtgenoot] is onweersproken onderhoudsplichtig voor vier kinderen. Per kind bedraagt zijn draagkracht derhalve € 310,00 per maand.
€ 55.351,00 dienen de man en zijn echtgenote ieder in de helft van die resterende behoefte te voorzien. De rechtbank is van oordeel dat de man slechts tot 10 februari 2013 onderhoudsplichtig is naar de oudste zoon van zijn echtgenote, [oudste zoon]. Vanaf die datum is hij 21 jaar oud. Daarmee komt de wettelijke onderhoudsplicht van de man te vervallen. [oudste zoon] ontvangt geen kinderbijdrage van zijn eigen vader. Bij gebrek aan gegevens omtrent de behoefte van [oudste zoon] gaat de rechtbank er in redelijkheid vanuit dat deze gelijk is aan die van [minderjarige] en [minderjarige], zijnde € 270,00 per maand. De echtgenote wordt geacht voor de helft in deze behoefte bij te dragen, zodat de man geacht wordt voor
€ 135,00 per maand bij te dragen. De man is derhalve onderhoudsplichtig voor een maximale bijdrage van € 134,00 per maand voor [minderjarige] en [minderjarige] samen en een bijdrage van € 135,00 voor [oudste zoon]. Voor [minderjarige] resteert derhalve een draagkracht van € 546,00 per maand. Vanaf 10 februari 2013 bedraagt de resterende draagkracht voor [minderjarige]
€ 681,00 per maand.
€ 991,00 per maand.