ECLI:NL:RBMNE:2026:647
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen op WIA-herbeoordelingsverzoek
Eiseres heeft op 17 juli 2025 een verzoek tot herbeoordeling van arbeidsongeschiktheid ingediend bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV). Verweerder ontving dit verzoek op 22 juli 2025, maar heeft niet binnen de wettelijke termijn een beslissing genomen. Eiseres stelde verweerder op 25 september 2025 in gebreke, waarna de rechtbank constateerde dat de wettelijke beslistermijn was overschreden.
De rechtbank bepaalt dat verweerder alsnog binnen een termijn van vier maanden na verzending van de uitspraak een besluit moet nemen. Deze termijn is verlengd vanwege het tekort aan verzekeringsartsen, een bijzondere omstandigheid die de rechtbank aanvaardt. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag opgelegd voor elke dag dat verweerder de beslistermijn overschrijdt, met een maximum van €15.000.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank verweerder tot betaling van de proceskosten van €467 aan eiseres, vanwege het inschakelen van professionele juridische hulp, en tot vergoeding van het griffierecht van €385. De uitspraak is gedaan door rechter J. Wolbrink en griffier I. van Ittersum op 19 januari 2026.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen vier maanden alsnog te beslissen met oplegging van een dwangsom en vergoeding van proceskosten.