Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Het verloop van de procedure
2.De feiten
3.Het verzoek
4.De standpunten
5.De beoordeling
- [minderjarige] groeit op in een veilige en gestructureerde opvoedomgeving, waar hem duidelijkheid, grenzen en kaders geboden worden die hij nodig heeft om zich op een positieve manier te ontwikkelen;
- [minderjarige] leert om zijn emoties te (h)erkennen, te reguleren en daarmee zichzelf en anderen niet in onveiligheid te brengen;
- [minderjarige] heeft duidelijkheid over zijn toekomstperspectief;
- [minderjarige] heeft een positieve daginvulling of krijgt onderwijs aangeboden;
- [minderjarige] , de moeder en de vader werken aan de onderlinge relationele banden.
6.De beslissing
2 juli 2026schriftelijk te informeren over de stand van zaken;
mr. M.M. Janssen - Witteveen, kinderrechter, in aanwezigheid van mr. J. Mather als griffier, en op schrift gesteld op 01 mei 2026.
- degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.