Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Het verloop van de procedure
- [A] , als sociaalpsychiatrisch verpleegkundige verbonden aan GGz Centraal;
- [B] , als persoonlijk begeleider verbonden aan [instelling] .
Rechtbank Midden-Nederland
De rechtbank Midden-Nederland heeft op 21 januari 2026 een zorgmachtiging toegekend aan betrokkene, geboren in 1996, voor de duur van zes maanden. De officier van justitie had verzocht om een machtiging voor twaalf maanden, maar de rechtbank achtte zes maanden passend op basis van medische verklaringen en het zorgplan.
Betrokkene lijdt aan een schizofreniespectrum- en/of andere psychotische stoornis en een verslavingsstoornis, wat leidt tot ernstig nadeel zoals levensgevaar, lichamelijk letsel, maatschappelijke teloorgang en gevaar voor de veiligheid van personen en goederen. Hoewel betrokkene lange tijd vrijwillig zorg ontving, is door medicatieproblemen nu verplichte zorg noodzakelijk.
De rechtbank wijst verschillende vormen van verplichte zorg toe, waaronder medicatietoediening, medische controles, beperkingen in vrijheid en bij ernstige situaties ook insluiting en toezicht. Het verzoek van de advocaat om maximale duur per zorgvorm vast te stellen wordt afgewezen, omdat de Wvggz uitgaat van zorg die nooit langer duurt dan nodig en de behandelaren verantwoordelijk zijn voor passende toepassing.
De zorgmachtiging geldt tot en met 21 juli 2026. De rechtbank benadrukt dat minder bezwarende alternatieven ontbreken en dat de toegewezen zorgvormen evenredig en effectief zijn. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden om ernstig nadeel door psychische stoornis af te wenden.