ECLI:NL:RBMNE:2026:1758
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen naheffingsaanslag parkeerbelasting wegens niet betalen
De heffingsambtenaar van de gemeente Almere legde op 21 en 28 juni 2024 naheffingsaanslagen parkeerbelasting op aan eiser. Eiser maakte bezwaar, dat op 23 september 2025 ongegrond werd verklaard. Tegen deze beslissing stelde eiser beroep in bij de rechtbank.
Eiser stelde dat de beslistermijn op bezwaar was overschreden en beriep zich op het zorgvuldigheidsbeginsel en het redelijkheids- en billijkheidsbeginsel vanwege persoonlijke omstandigheden, waaronder mantelzorg en stress. De heffingsambtenaar erkende de te late beslissing maar stelde dat dit de geldigheid niet aantastte en dat parkeerbelasting een objectieve belasting is waarbij opzet of schuld niet relevant zijn.
De rechtbank oordeelde dat het zorgvuldigheidsbeginsel niet was geschonden omdat eiser geen ingebrekestelling had gestuurd. Ook was er geen sprake van een noodsituatie die vrijstelling van betaling rechtvaardigt. De naheffingsaanslag werd daarom terecht opgelegd en het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag parkeerbelasting is ongegrond verklaard en de aanslag blijft van kracht.