ECLI:NL:RBMNE:2026:1715
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet tijdig beslissen op verzoek om herbeoordeling WIA-aanvraag
Eiseres, ASR Re-integratie B.V., heeft beroep ingesteld tegen het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) omdat dit bestuursorgaan niet tijdig heeft beslist op haar verzoek om herbeoordeling van een WIA-aanvraag. De rechtbank stelt vast dat het UWV de aanvraag op 2 oktober 2023 ontving en dat het niet binnen de wettelijke termijn heeft beslist, ondanks een ingebrekestelling die op 26 april 2024 werd ontvangen.
De rechtbank bepaalt dat het UWV alsnog binnen vier maanden na verzending van deze uitspraak een besluit moet nemen. Deze termijn is verlengd vanwege het tekort aan verzekeringsartsen, wat een bijzondere omstandigheid vormt. Daarnaast wordt een dwangsom van € 100,- per dag opgelegd voor elke dag dat het UWV de beslistermijn overschrijdt, met een maximum van € 15.000,-.
Verder wordt het beroep gegrond verklaard en wordt het niet tijdig nemen van een besluit vernietigd. Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van het griffierecht van € 397,- en een proceskostenvergoeding van € 467,- aan eiseres, waarbij de vergoeding is gematigd vanwege de beperkte aard van het geschil. De uitspraak is gedaan door rechter R.C. Stijnen en griffier L. El Kabch op 24 maart 2026.
Uitkomst: Het UWV moet binnen vier maanden alsnog beslissen op het verzoek om herbeoordeling en betaalt een dwangsom en proceskosten aan eiseres.