Uitspraak
1.De procedure
- mr. H. Weisfelt;
- mr. A.M.M. Lemmen;
- mr. M.J. Terstegge.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Midden-Nederland
Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen drie rechters die de hoofdzaak behandelen, omdat de rechtbank een eerder bevel tot het uitvoeren van een meervoudige fotoconfrontatie niet heeft laten uitvoeren en het verzoek om aanhouding van de zaak om dit alsnog te doen heeft afgewezen. Verzoeker stelde dat dit wijst op vooringenomenheid van de rechtbank.
De wrakingskamer heeft het verzoek beoordeeld aan de hand van artikel 512 Sv Pro en de jurisprudentie van de Hoge Raad, waarin is bepaald dat een procesbeslissing als zodanig geen grond voor wraking kan zijn, tenzij de motivering objectief als vooringenomenheid kan worden opgevat.
De rechtbank had haar beslissing gemotiveerd met verwijzing naar een proces-verbaal waarin werd gesteld dat een fotoconfrontatie vanwege tijdsverloop niet haalbaar of wenselijk was. Tevens liet de rechtbank open dat er in het inhoudelijke debat gevolgen kunnen worden verbonden aan het niet uitvoeren van de confrontatie.
De wrakingskamer concludeerde dat uit de motivering geen vooringenomenheid blijkt en dat het wrakingsverzoek ongegrond is. De procedure wordt voortgezet zoals die was voor de schorsing vanwege het wrakingsverzoek. Tegen deze beslissing is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek wordt ongegrond verklaard en de strafprocedure wordt voortgezet.