ECLI:NL:RBMNE:2025:7246

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
4 december 2025
Publicatiedatum
14 januari 2026
Zaaknummer
UTR 24/8390
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Proces-verbaal
Rechters
  • M. Coenen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2 Legesverordening 2023 gemeente Utrechtse HeuvelrugArt. 2.3.10 Legesverordening 2023 gemeente Utrechtse HeuvelrugArt. 2.3.1.3 Legesverordening 2023 gemeente Utrechtse HeuvelrugArt. 3.8.1 Legesverordening 2023 gemeente Utrechtse HeuvelrugArt. 2 Boomverordening 2022 gemeente Utrechtse Heuvelrug
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ongegrond beroep tegen legesaanslag kapvergunning gemeente Utrechtse Heuvelrug

Eiser maakte bezwaar tegen de legesaanslag van € 337,- die werd opgelegd in verband met zijn aanvraag voor een kapvergunning bij de gemeente Utrechtse Heuvelrug. Hij stelde dat hij geen vergunning hoefde aan te vragen omdat de boom niet op zijn erf stond en de activiteit vergunningvrij zou zijn.

De rechtbank beoordeelde of sprake was van een belastbaar feit en of de aanslag terecht was opgelegd. Uit de Boomverordening 2022 van de gemeente bleek dat het vellen van houtopstanden op erven buiten de bebouwde kom vergunningplichtig is. De boom stond tegen een kapschuur op het perceel van eiser, dat direct gelegen is om de woning en ten dienste staat van het gebruik daarvan.

De rechtbank verwierp het betoog van eiser dat de boom niet op zijn erf stond vanwege de afstand tot de woning. De boom viel onder de definitie van erf en de kapvergunning was daarom vereist. Het beroep werd ongegrond verklaard, de legesaanslag bleef in stand en eiser kreeg geen proceskostenvergoeding.

Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat de legesaanslag terecht is opgelegd.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 24/8390
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 4 december 2025 in de zaak tussen

[eiser] , uit [plaats] , eiser

en
de heffingsambtenaar van de Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht, de heffingsambtenaar.
(gemachtigde: mr. D.J. Koopmans)

Samenvatting

1. Deze uitspraak gaat over de leges in verband met de aanvraag om een kapvergunning. Eiser is het niet eens met de leges omdat hij vindt dat hij geen kapvergunning bij de gemeente hoefde aan te vragen.
1.1.
De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de legesaanslag terecht is opgelegd. Eiser krijgt dus geen gelijk en het beroep is dus ongegrond. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Procesverloop

2. Op 15 november 2023 heeft eiser een kapmelding gedaan bij de provincie. Op 4 december 2023 heeft eiser een bericht ontvangen van de provincie dat de te kappen boom op zijn erf staat en dat de Wet natuurbescherming daarom niet van toepassing is. De provincie heeft eiser erop gewezen dat mogelijk wel gemeentelijke regels gelden.
2.1.
Op 4 december 2023 heeft eiser, naar aanleiding van dit bericht van de provincie, een aanvraag om een kapvergunning ingediend bij de gemeente Utrechtse Heuvelrug. De aanvraag is in behandeling genomen en op 21 december 2023 is de kapvergunning verleend.
2.2.
Op 31 januari 2024 is de aanslag leges van € 337,- opgelegd in verband met de aanvraag. Eiser heeft vervolgens bezwaar gemaakt tegen de legesheffing. Met het bestreden besluit van 25 november 2024 op het bezwaar van eiser heeft de heffingsambtenaar de aanslag gehandhaafd. Eiser heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit.
2.3.
De rechtbank heeft het beroep op 4 december 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiser en de gemachtigde van de heffingsambtenaar.
2.4.
Na afloop van zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan.

Beoordeling door de rechtbank

Waar gaat deze zaak over?
3. Deze zaak gaat over de leges die bij eiser geheven worden als aanvrager van een dienst bij de gemeente. Eiser is het niet eens met de leges, omdat hij vindt dat de gemeente niet bevoegd is om een kapvergunning te verlenen voor de kap van de betreffende boom, een vliegden die tegen een kapschuur aanstond op het perceel van eiser.
Wat beoordeelt de rechtbank?
4. Eiser komt in deze procedure op tegen de legesaanslag. De rechtbank beoordeelt in dat kader of zich een belastbaar feit heeft voorgedaan en of de aanslag terecht is opgelegd.
Is sprake van een belastbaar feit?
5. De toepasselijke legesverordening is de Legesverordening 2023 van de gemeente Utrechtse Heuvelrug. In artikel 2 is Pro als belastbaar feit genoemd: het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten, een en ander zoals genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel. Belastingplichtig is de aanvrager van de dienst, dan wel degene ten behoeve van wie de dienst is verleend of de handelingen zijn verricht. In artikel 2.3.10 van de tarieventabel is het tarief opgenomen voor een ingediende aanvraag voor een omgevingsvergunning voor het kappen, in artikel 2.3.1.3. is het tarief opgenomen voor een planologische toets bij aanvragen voor het kappen/vellen, en in artikel 3.8.1. is het tarief opgenomen voor de publicatie van de vergunningaanvraag.
6. Niet in geschil is dat eiser een aanvraag voor een kapvergunning heeft gedaan. De rechtbank is van oordeel dat met het in behandeling nemen van de door eiser ingediende aanvraag sprake is van een belastbaar feit in de zin van de Legesverordening. In beginsel moeten dan leges worden geheven.
Is de aanslag terecht opgelegd?
7. Eiser voert aan dat hij voor de kap van de boom geen omgevingsvergunning bij de gemeente hoefde aan te vragen. Eiser voert daartoe aan dat geen sprake is van een boom op zijn erf of tuin. De gemeente is daarom niet bevoegd om een kapvergunning te verlenen.
7.1.
De rechtbank stelt het volgende voorop. Het belastbare feit voor de heffing van leges inzake een omgevingsvergunning is het in behandeling nemen van de aanvraag van die vergunning. De uitkomst van de aanvraagprocedure is in beginsel niet van belang, tenzij blijkt dat de desbetreffende activiteit vergunningsvrij is, dan behoeven er na afloop van de aanvraagprocedure geen leges te worden voldaan.. Dit volgt uit rechtspraak van de Hoge Raad. [1] Dit betekent dat de rechtbank in het licht van de vraag of de aanslag terecht is opgelegd ook beoordeelt de stelling van eiser dat sprake is van een vergunningvrije activiteit.
7.2.
Voor die beoordeling is de Boomverordening 2022 van de gemeente Utrechtse Heuvelrug van belang. De Boomverordening bevat de gemeentelijke regels over wanneer een kapvergunning moet worden aangevraagd. Op grond van artikel 2, eerste lid, van de Boomverordening is het verboden om zonder omgevingsvergunning van het bevoegd gezag een houtopstand te vellen. Dit verbod geldt voor alle houtopstanden op erven en tuinen buiten de bebouwde kom. Niet in geschil is dat het perceel van eiser buiten de bebouwde kom ligt. Naar aanleiding van hetgeen op de zitting is besproken, is ook niet meer in geschil dat de boom een houtopstand is in de zin van de Boomverordening. Enkel nog in geschil is of de boom wel of niet op het erf van eiser stond. De boom is inmiddels gekapt. De definitie van erf is opgenomen in artikel 1 sub i van Pro de Boomverordening:
“een perceel of een gedeelte daarvan, dat direct is gelegen om een gebouw (een woning of bedrijf) en dat in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van dat gebouw. In het geval van een toegangsweg naar het gebouw is deze geen onderdeel van het erf”.De rechtbank volgt eiser niet in zijn betoog dat de boom niet op zijn erf stond omdat de boom op circa 20 meter afstand van de woning stond en volgens eiser dus niet in de directe omgeving van de woning. De rechtbank wijst erop dat de vliegden blijkens de situatietekening en foto in het dossier tegen de kapschuur aanstond. De rechtbank is van oordeel dat de kapschuur en de gekapte boom op een deel van het perceel staat, respectievelijk stond, direct gelegen om de woning en in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van de woning. Dat de afstand ca. 20 meter bedraagt, maakt dit niet anders. Dit betekent dat de boom naar het oordeel van de rechtbank op het erf van eiser stond. Het voorgaande betekent dat op grond van artikel 2, eerste lid, van de Boomverordening een kapvergunning van de gemeente vereist was om deze boom te vellen. Het beroep slaagt niet.

Conclusie en gevolgen

8. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat de legesaanslag terecht is opgelegd. Eiser krijgt daarom het griffierecht niet terug. Hij krijgt ook geen vergoeding van zijn proceskosten.
9. Partijen zijn gewezen op de mogelijkheid om tegen de mondelinge uitspraak in hoger beroep te gaan op de hieronder omschreven wijze.

Beslissing

De rechtbank verklaart beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Coenen, rechter, in aanwezigheid van mr. J.B. Thépass, griffier.
De griffier is verhinderd
de uitspraak te ondertekenen
griffier
rechter
Uitgesproken op 4 december 2025.
De uitspraak is aan partijen bekendgemaakt op de datum vermeld in de brief waarmee deze uitspraak aan partijen ter beschikking is gesteld.

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop dit proces-verbaal is bekendgemaakt.
Digitaal hoger beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (belastingkamer), Locatie Arnhem, Postbus 9030, 6800 EM Arnhem.
Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Voetnoten

1.Hoge Raad 22 december 2017, ECLI:NL:HR:2017:3227, r.o. 2.2.3.