Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 18 augustus 2025 in de zaak tussen
[eiser], uit [woonplaats], eiser
Inleiding
Korte beschrijving van de zaak
De kern van de tussenuitspraak
De herstelpoging van het Uwv
Het eindoordeel van de rechtbank over de herstelpoging van het Uwv
kunnenworden verrekend. Daarmee is feitelijk nog niet overgegaan tot verrekening. Als tot verrekening wordt overgegaan, moet eiser hierover een aparte beslissing ontvangen, zo blijkt uit het bestreden besluit 2, waartegen eiser vervolgens bezwaar kan maken. De rechtbank is dan ook van oordeel dat de mededeling over de verrekening alleen van informatieve aard is en dus niet is gericht op rechtsgevolg. Dit betekent dat het bestreden besluit 2, voor zover het de mededeling betreft over de verrekening van de proceskosten en griffierecht, geen besluit is in de zin van artikel 1:3 van Pro de Awb. Daartegen staat dus geen beroep open. Dit betekent dat de rechtbank in zoverre onbevoegd is van het beroep kennis te nemen.
Het oordeel van de rechtbank over het verzoek om immateriële schadevergoeding
Omdat in de eerste rechterlijke fase al een schadevergoeding van € 1.500,- is toegekend, wordt het Uwv veroordeeld tot het betalen van een aanvullende schadevergoeding van € 1.500,-. De rechtbank wijst het verzoek om (aanvullende) schadevergoeding dan ook toe.