ECLI:NL:RBMNE:2025:1588
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag verblijfsvergunning humanitair niet tijdelijk wegens mvv-vereiste en artikel 8 EVRM
Eiseres diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning regulier met als doel 'humanitair niet tijdelijk'. De minister wees deze aanvraag af omdat eiseres niet beschikte over een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv), ondanks dat er sprake was van familieleven en privéleven in Nederland. De rechtbank beoordeelde of artikel 8 EVRM Pro een vrijstelling van het mvv-vereiste rechtvaardigt.
De rechtbank stelde vast dat eiseres tien jaar rechtmatig in Nederland verbleef, maar door langdurig verblijf buiten Nederland haar hoofdverblijf had verplaatst en haar eerdere verblijfsvergunning was ingetrokken. De minister had in zijn belangenafweging meegewogen dat eiseres een beperkt sociaal netwerk had, geen eigen inkomen kon aantonen, en dat de relatie met haar partner pril was. Ook woog de minister mee dat eiseres eerder vrijwillig terugkeerde naar Marokko.
De rechtbank oordeelde dat de minister alle relevante feiten en omstandigheden had betrokken in zijn belangenafweging en dat het privé- en gezinsleven van eiseres niet zodanig beschermenswaardig was dat vrijstelling van het mvv-vereiste gerechtvaardigd was. De rechtbank wees het beroep af en bevestigde dat de minister het mvv-vereiste mocht toepassen zonder strijd met artikel 8 EVRM Pro.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van haar aanvraag voor een verblijfsvergunning humanitair niet tijdelijk blijft in stand.