Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen van verweerder, de Dienst Toeslagen, op haar bezwaar tegen de definitieve beschikking compensatie kinderopvangtoeslag. De rechtbank had eerder op 11 juli 2024 een termijn gesteld waarbinnen verweerder moest beslissen. Deze termijn is inmiddels verstreken zonder dat verweerder een besluit heeft genomen.
De rechtbank constateert dat verweerder nog steeds niet heeft beslist en verklaart het beroep gegrond. Verweerder wordt opgedragen alsnog binnen twintig weken na verzending van deze uitspraak een besluit op bezwaar te nemen. Deze termijn is vastgesteld als realistisch gezien de gemiddelde doorlooptijd van bezwaarprocedures en eerdere jurisprudentie.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom van € 50,- per dag op voor elke dag dat verweerder de nieuwe beslistermijn overschrijdt, met een maximum van € 15.000,-. Verweerder wordt ook veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiseres en het betaalde griffierecht.
Partijen hebben geen gebruik gemaakt van het recht op een zitting. De uitspraak is gedaan door rechter I. Helmich en griffier M.A.W.M. Engels op 24 maart 2025.