ECLI:NL:RBMNE:2024:2484
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens te late indiening zonder verschoonbare reden
Eiser heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de Belastingdienst van 31 augustus 2022, maar dit beroep is pas op 27 juni 2023 door de rechtbank ontvangen, ruim na de uiterste termijn van zes weken na bekendmaking van het besluit.
Hoewel eiser verzocht heeft om vrijstelling van griffierecht wegens betalingsonmacht en zich in een schulphulpverleningstraject bevindt, oordeelt de rechtbank dat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is vanwege de te late indiening zonder dat daar een verschoonbare reden voor is.
Eiser voerde aan dat de Belastingdienst uitstel had gevraagd bij de behandeling van het bezwaar en dat hij door financiële problemen en burn-out klachten moeite had met tijdige indiening. De rechtbank acht deze omstandigheden echter onvoldoende om het te laat indienen te rechtvaardigen, mede omdat het beroep zes maanden te laat is en eiser niet tijdig hulp heeft ingeschakeld.
De rechtbank behandelt het beroep niet inhoudelijk en wijst het verzoek om vergoeding van proceskosten af. De uitspraak is gedaan zonder zitting op 16 april 2024 door rechter M. Eversteijn.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening zonder verschoonbare reden.