ECLI:NL:RBMNE:2024:1229
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing Wajong-uitkering wegens onvoldoende bewijs arbeidsongeschiktheid op achttiende verjaardag
Eiseres heeft op 5 oktober 2021 een aanvraag ingediend voor een Wajong-uitkering. Het UWV wees deze aanvraag af omdat eiseres niet voldeed aan de voorwaarden, met name dat zij op haar achttiende verjaardag duurzaam arbeidsongeschikt moest zijn. Eiseres maakte bezwaar, maar het bezwaar werd ongegrond verklaard. De rechtbank behandelde het beroep op 11 januari 2024.
De kern van het geschil is of eiseres op haar achttiende verjaardag duurzaam geen arbeidsvermogen had. Eiseres stelt dat haar bipolaire stoornis en PTSS al toen aanwezig waren en dat zij niet in staat was voor zichzelf en haar kind te zorgen. Het UWV baseerde zich op medische rapporten die stelden dat er onvoldoende bewijs is dat deze stoornissen op die leeftijd bestonden.
De rechtbank hanteert het toetsingskader van de Wet Wajong en stelt dat bij een laattijdige aanvraag de bewijslast bij de aanvrager ligt. Eiseres heeft enkele documenten overgelegd, maar geen medische gegevens die haar arbeidsongeschiktheid op haar achttiende levensjaar aantonen. De rechtbank volgt het oordeel van de verzekeringsarts dat onvoldoende medische gegevens beschikbaar zijn om beperkingen aan te nemen.
De rechtbank concludeert dat het UWV de aanvraag terecht heeft afgewezen en verklaart het beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor proceskostenvergoeding en het griffierecht wordt niet teruggegeven.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en de Wajong-aanvraag afgewezen wegens onvoldoende bewijs van arbeidsongeschiktheid op achttiende verjaardag.