Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 8 augustus 2023 in de zaak tussen
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
P.W. Hogenbirk, griffier. De beslissing is uitgesproken op 8 augustus 2023.
Rechtbank Midden-Nederland
In deze bestuursrechtelijke procedure heeft eiseres beroep ingesteld tegen een uitspraak op bezwaar van de heffingsambtenaar van de Belastingsamenwerking gemeenten en hoogheemraadschap. De gemachtigde van eiseres, Bartels, heeft het beroep namens haar ingediend, maar heeft geen toereikende machtiging overgelegd die hem bevoegd verklaart om namens eiseres op te treden.
De rechtbank heeft Bartels meerdere malen in de gelegenheid gesteld om een juiste machtiging in te dienen, onder meer bij brieven van 3 januari 2022 en 21 april 2022. Ondanks deze herstelverzoeken bleef een geldige machtiging uit. De overgelegde volmachten waren niet ondertekend door eiseres, maar door andere personen, waardoor de rechtbank oordeelde dat er geen juiste machtiging was.
Omdat het beroep niet voldoet aan de wettelijke vereisten van artikel 6:6 Awb Pro en Bartels geen aanvullende termijn is gegund om dit te herstellen, verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Hierdoor komt de rechtbank niet toe aan de inhoudelijke beoordeling van het geschil. Verzoeken om uitstel van griffierecht en vergoeding van immateriële schade worden eveneens afgewezen, omdat onvoldoende onderbouwing is geleverd en niet is vastgesteld dat eiseres de procedure wilde starten.
De uitspraak is gedaan door rechter R.C. Stijnen op 8 augustus 2023 en bevestigt het belang van het correct overleggen van machtigingen in bestuursrechtelijke procedures.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een toereikende machtiging.