Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
in de periode van 7 oktober 2020 tot en met 14 november 2022 in Naarden, Bussum en/of [locatie] [slachtoffer 2] heeft belaagd (gestalkt);
in de periode van 9 november 2022 tot en met 13 november 2022 in [locatie] meerdere keren opzettelijk heeft gehandeld in strijd met de gedragsaanwijzing, gegeven door de officier van justitie, door contact op te nemen met [slachtoffer 2] .
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
proces-verbaal van verhoor aangeefstervan 10 oktober 2022 blijkt dat [slachtoffer 1] onder meer het volgende, zakelijk weergegeven, heeft verklaard:
proces-verbaal van verhoor aangevervan 10 oktober 2022 met bijbehorende bijlagen [3] blijkt dat [slachtoffer 2] onder meer het volgende, zakelijk weergegeven, heeft verklaard:
proces-verbaal van verhoor getuigevan 10 oktober 2022 blijkt dat [slachtoffer 2] onder meer het volgende, zakelijk weergegeven, heeft verklaard:
proces-verbaal van bevindingenvan 16 november 2022 volgt dat verbalisant [verbalisant 1] (wijkagent) onder meer het volgende, zakelijk weergegeven, heeft verklaard:
proces-verbaal van bevindingenvan 24 oktober 2022 volgt dat verbalisant [verbalisant 1] (wijkagent) onder meer het volgende, zakelijk weergegeven, heeft verklaard:
proces-verbaal van bevindingenvan 16 november 2022 met bijbehorende printscreens [8] volgt dat verbalisant [verbalisant 1] (wijkagent) onder meer het volgende, zakelijk weergegeven, heeft verklaard:
gedragsaanwijzing(artikel 509hh van het Wetboek van Strafvordering) van 4 november 2022 met bijbehorende
akte van uitreikingvan 9 november 2022, waaruit blijkt dat de gedragsaanwijzing door verdachte in ontvangst is genomen, inhoudende dat:
verklaring van verdachte ter terechtzittingvan 22 september 2023 blijkt dat verdachte onder meer het volgende, zakelijk weergegeven, heeft verklaard:
5.BEWEZENVERKLARING
met het oogmerk die [slachtoffer 2] te dwingen iets te dulden;
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
mishandeling;
: belaging;
: opzettelijk handelen in strijd met een gedragsaanwijzing, gegeven krachtens artikel 509hh, eerste lid, onderdeel b, van het Wetboek van Strafvordering.
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF EN MAATREGEL
- een de verdachte betreffend
- een
- een
Gelet op de diepgaande doorwerking van de bij de persoonlijkheidsstoornis bestaande disfuncties en gedragingen, adviseren de deskundigen verdachte alle bewezen verklaarde feiten in ten minste verminderde mate (op de 3 puntenschaal) en sterk verminderde mate (op de 5 puntenschaal) toe te rekenen. Verdachte werd ten tijde van het tenlastegelegde overwegend in beslag genomen door het eindigen van haar huwelijk, de contactbeperkingen met haar kinderen en het gebiedsverbod. Verdachte ziet haar eigen aandeel hierin niet en er bestaat groot onbegrip, omdat zij naar haar overtuiging juist haar eigen rol als uitsluitend constructief en positief beschouwt. Aan de basis van alle frustraties en onbegrip daarover ligt haar persoonlijkheidsstoornis met vele disfuncties die haar gedragskeuzes en gedragingen ten tijde van het ten laste gelegde beïnvloedde.
9.VORDERING TENUITVOERLEGGING
10.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
11.BESLISSING
gevangenisstraf van twee (2) maanden;
ter beschikking wordt gestelden beveelt dat zij
van overheidswege wordt verpleegd;
de maatregel tot gedragsbeïnvloeding of vrijheidsbeperking(als bedoeld in artikel 38z Sr);