ECLI:NL:RBMNE:2023:2453
Rechtbank Midden-Nederland
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid wrakingsverzoek tegen rechter, griffier en rechtbank Midden-Nederland
Verzoeker diende op 3 mei 2023 een wrakingsverzoek in tegen de behandelend rechter in een civiele hoofdzaak, alsmede tegen de griffier en de gehele rechtbank Midden-Nederland. De brief werd per abuis niet direct doorgestuurd naar de wrakingskamer. Tijdens een zitting op 15 mei 2023 werd het wrakingsverzoek geconstateerd, waarna de zitting werd beëindigd en de hoofdzaak geschorst.
De wrakingskamer beoordeelde het verzoek en concludeerde dat verzoeker geen feiten of omstandigheden had aangevoerd die een schending van de rechterlijke onpartijdigheid aannemelijk maken. Het verzoek was daardoor niet gemotiveerd en derhalve kennelijk niet-ontvankelijk. Ook het wrakingsverzoek tegen de griffier en de gehele rechtbank werd afgewezen, omdat wraking alleen kan worden gericht tegen individuele rechters die de zaak behandelen.
De wrakingskamer besloot verzoeker niet-ontvankelijk te verklaren, de griffier te gelasten de beslissing te communiceren aan alle betrokkenen, en de hoofdzaak voort te zetten in de stand van schorsing. Tegen deze beslissing is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Wrakingsverzoek tegen rechter, griffier en rechtbank is niet-ontvankelijk verklaard en hoofdzaak wordt voortgezet.