ECLI:NL:RBMNE:2023:1893
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep gebruiker tegen WOZ-waarde wegens ontbreken procesbelang
Eiser, gebruiker van een hoekwoning, stelde beroep in tegen de vastgestelde WOZ-waarde van €250.000,- voor het belastingjaar 2022, omdat hij meende dat de waarde niet hoger dan €230.000,- mocht zijn. De heffingsambtenaar handhaafde de waarde en voerde een taxatiematrix aan ter onderbouwing.
De rechtbank beoordeelde of eiser procesbelang had, aangezien hij gebruiker en niet eigenaar is. Procesbelang ontbreekt wanneer het instellen van beroep geen gunstigere positie oplevert ten aanzien van het bestreden besluit. De rechtbank stelde vast dat de WOZ-waarde niet werd gebruikt als heffingsmaatstaf voor lokale belastingen zoals riool- of afvalstoffenheffing, die uit vaste bedragen bestonden.
Eiser stelde dat zijn huurprijs afhankelijk is van de WOZ-waarde via een puntensysteem, maar hij overlegde geen huurovereenkomst en onderbouwde zijn stelling onvoldoende. De heffingsambtenaar betwistte dat het een niet-geliberaliseerde huur betrof. De rechtbank concludeerde dat eiser niet aannemelijk had gemaakt dat hij met het beroep in een gunstigere positie zou komen en verklaarde het beroep niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het beroep van de gebruiker tegen de WOZ-waarde is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang.