ECLI:NL:RBMNE:2023:1319
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over motiveringsgebrek bij beëindiging Ziektewetuitkering
Eiseres, een pedagogisch medewerkster die sinds 2018 ziek uitviel, kreeg per 16 augustus 2021 een Ziektewetuitkering toegekend. Het UWV beëindigde deze uitkering per 10 december 2021 omdat eiseres geschikt werd geacht voor ten minste één van de eerder geduide functies. Eiseres maakte bezwaar en stelde dat zij niet in staat was te werken vanwege toegenomen klachten zoals artrose, artritis en migraine.
De rechtbank stelt vast dat het UWV het nieuwe beoordelingskader van de Centrale Raad van Beroep (CRvB) niet correct heeft toegepast. Het UWV motiveerde niet of er sprake was van een toename van beperkingen ten opzichte van de eerdere WIA-beoordeling in 2020, terwijl dat volgens de nieuwe jurisprudentie vereist is. Ook is onduidelijk hoe de medische klachten van eiseres zijn betrokken bij de beoordeling van haar beperkingen.
De rechtbank concludeert dat het bestreden besluit een motiveringsgebrek bevat en dat dit gebrek niet is hersteld in de beroepsfase. Daarom doet de rechtbank een tussenuitspraak en geeft het UWV de gelegenheid binnen acht weken het gebrek te herstellen door een nadere medische beoordeling en motivering. De procedure wordt aangehouden totdat het UWV hierop heeft gereageerd.
Uitkomst: De rechtbank stelt vast dat het UWV het motiveringsgebrek niet heeft hersteld en geeft het UWV acht weken de tijd om dit alsnog te doen.