ECLI:NL:RBMNE:2023:1174
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling intrekking en terugvordering bijstand op grond van Participatiewet na waarnemingen
Eiseres ontving vanaf juni 2015 bijstand op grond van de Participatiewet. Na een anonieme tip startte verweerder een onderzoek naar mogelijke samenwoning en werkzaamheden. Dit onderzoek bestond uit dossieronderzoek, opvragen van verbruiksgegevens, waarnemingen, gesprekken en een huisbezoek.
Verweerder concludeerde dat eiseres vanaf juni 2022 samenwoonde met haar vriend en vanaf november 2021 tot juni 2022 werkzaamheden verrichtte. Op basis hiervan werden de bijstandsrechten per juni 2022 beëindigd, over de periode daarvoor ingetrokken en de onterecht ontvangen bijstand teruggevorderd. Eiseres maakte bezwaar en stelde dat de waarnemingen onrechtmatig waren en dat zij recht had op schadevergoeding.
De rechtbank oordeelt dat de waarnemingen een toereikende wettelijke grondslag hebben, niet stelselmatig of disproportioneel waren en dat eiseres haar inlichtingenplicht heeft geschonden. De intrekking en terugvordering zijn daarom rechtmatig. Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen omdat geen onrechtmatig besluit is vastgesteld en het huisbezoek geoorloofd was.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen intrekking en terugvordering bijstand wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.