ECLI:NL:RBMNE:2022:777
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid na zorgvuldige medische beoordeling
Eiseres heeft een WIA-uitkering aangevraagd omdat zij sinds 3 juli 2020 arbeidsongeschikt zou zijn. Verweerder heeft dit afgewezen omdat zij minder dan 35% arbeidsongeschikt is, een vereiste voor toekenning van de uitkering. Eiseres maakte bezwaar en stelde dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was en dat haar beperkingen werden onderschat.
De rechtbank oordeelt dat het medisch onderzoek zorgvuldig is uitgevoerd, ook al vond het telefonisch plaats vanwege de coronamaatregelen. De verzekeringsartsen hebben alle klachten van eiseres meegenomen en er is geen noodzaak geweest tot het opvragen van aanvullende medische informatie van de behandelend GGZ-sector, omdat eiseres toen niet in behandeling was. De medische beoordeling is juist, en de beperkingen zijn adequaat vertaald in de Functionele Mogelijkhedenlijst.
De arbeidsdeskundige heeft voorbeeldfuncties geselecteerd die passen bij de vastgestelde beperkingen. De mate van arbeidsongeschiktheid is vastgesteld op 30,7%, onder de drempel van 35%. Daarom is de afwijzing van de WIA-uitkering terecht en wordt het beroep ongegrond verklaard. Verweerder hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de WIA-uitkering wordt ongegrond verklaard omdat eiseres minder dan 35% arbeidsongeschikt is.