Uitspraak
Vonnis van de meervoudige kamer van 23 februari 2022
ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
- dhr. [A] , namens ABN Amro bank;
- dhr. J. Westerbos, namens ING bank;
- mr. E. Bos namens mevr. [benadeelde 1] ;
- mevr. [benadeelde 2] .
INLEIDING
TENLASTELEGGING
VOORVRAGEN
WAARDERING VAN HET BEWIJS
Het standpunt van de officier van justitie
Het standpunt van de verdediging
Het oordeel van de rechtbank
[accountnaam 1] @(...)(
de rechtbank leest: [verdachte]) en een account genaamd [accountnaam 2] als gesprekspartner.
[accountnaam 1] @(...)en [accountnaam 2] van 30 april 2020 is een chat tussen [accountnaam 2] en mij. [14]
BEWEZENVERKLARING
STRAFBAARHEID VAN HET FEIT
STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
OPLEGGING VAN STRAF
De vordering van de officier van justitie
Het standpunt van de verdediging
Het oordeel van de rechtbank
BESLAG
De in beslag genomen goederen
Het standpunt van de officier van justitie
Het standpunt van de verdediging
Het oordeel van de rechtbank
BENADEELDE PARTIJEN
De vorderingen
Het standpunt van de officier van justitie
- De vorderingen van de benadeelde partijen [benadeelde 22] , [benadeelde 5] , [benadeelde 9] , [benadeelde 4] , [benadeelde 10] , [benadeelde 15] , [benadeelde 7] en [benadeelde 6] zijn geheel door de ABN AMRO bank vergoed. Deze benadeelde partijen moeten daarom in hun vordering niet-ontvankelijk worden verklaard.
- Van de vordering van [benadeelde 17] is de materiële schade vergoed door de Rabobank. De benadeelde partij moet daarom in dat gedeelte van de vordering niet-ontvankelijk worden verklaard. De gevorderde immateriële schade van € 250,- is wat de officier van justitie betreft voor toewijzing vatbaar.
- Van de vordering die [benadeelde 13] namens [bedrijf] BV heeft ingediend, is een gedeelte van de materiële schade door de banken vergoed. De ING bank heeft een bedrag van € 7.000,- vergoed. ABN AMRO bank heeft een bedrag van € 71.907,- vergoed. Dat betekent dat van de gevorderde materiële schade een bedrag € 15.494,- resteert dat voor toewijzing vatbaar is. De gevorderde proceskosten van € 100,- voor Stichting [stichting] zijn volgens de officier van justitie niet toewijsbaar. Van de gevorderde immateriële schade is wat de officier van justitie betreft een bedrag van € 500,- voor toewijzing vatbaar. Voor het overige gedeelte van de gevorderde materiële en immateriële schade moet de benadeelde partij in de vordering niet-ontvankelijk worden verklaard. Voor zover de vordering ziet op de gemaakte proceskosten, moet de benadeelde partij ook niet-ontvankelijk worden verklaard.
- Van de vordering van [benadeelde 23] is een gedeelte van € 16.949,40 van de materiële schade door de ABN AMRO bank vergoed. Dat betekent dat van de gevorderde materiële schade een bedrag € 25.246,- resteert dat voor toewijzing vatbaar is. Voor het overige gedeelte van de vordering moet de benadeelde partij niet-ontvankelijk worden verklaard.
- Van de vordering van [benadeelde 16] is een gedeelte van € 1.165,- door de ABN AMRO bank vergoed. Dat betekent dat van de gevorderde materiële schade een bedrag € 45.829,- resteert dat voor toewijzing vatbaar is. Voor het overige gedeelte van de vordering moet de benadeelde partij niet-ontvankelijk worden verklaard.
Het standpunt van de verdediging
Het oordeel van de rechtbank
TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
BESLISSING
gevangenisstraf voor de duur van 30 dagen;