Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 11 november 2022 in de zaak tussen
[eiser] , uit [woonplaats 1] , eiser
Inleiding
Feiten
Beoordeling door de rechtbank
.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Midden-Nederland
Eiser is eigenaar van een woning die hij in 2019 aan het verbouwen was en waarvoor aanslagen afvalstofheffing en zuiveringsheffing zijn opgelegd. Hoewel eiser niet in de woning woonde en ingeschreven stond op een ander adres, stelde hij dat hij geen gebruiker was en daarom niet aansprakelijk voor de heffingen.
De rechtbank oordeelt dat de aanslagen terecht zijn opgelegd omdat de eigenaar van een woning die ter beschikking staat, ook tijdens verbouwing als gebruiker wordt beschouwd. De Verordening afvalstoffenheffing en de Verordening zuiveringsheffing maken het gebruik van het perceel bepalend, niet de feitelijke bewoning of inschrijving in de BRP.
Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalt omdat de informatie op de website van verweerder slechts als leidraad geldt en de Verordening uiteindelijk bepalend is. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst verzoeken tot terugbetaling van griffierecht en proceskosten af.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de aanslagen afvalstofheffing en zuiveringsheffing wordt ongegrond verklaard en de aanslagen blijven gehandhaafd.