Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
ingeschreven in de Basisregistratie personen op het adres:
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
,naast het hiervoor genoemde feit dat er in deze situatie sprake is van een verdenking van een ernstig geweldsdelict, waarbij één van de twee slachtoffers aanzienlijk lichamelijk letsel heeft opgelopen, verder dat beide slachtoffers zich in het strafproces hebben gevoegd als benadeelde partij en daartoe vorderingen tot schadevergoeding ingediend. De belangen van de slachtoffers bij een inhoudelijke beoordeling van de zaak zijn dus groot. Het OM wordt daarom ontvankelijk verklaard in de vervolging van verdachte. De rechtbank merkt daarbij op dat dit niet betekent dat het verstreken tijdsverloop geen invloed kan hebben op de inhoudelijke beoordeling van de zaak.
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
.
nu ook zitten, dit zijn [medeverdachte 1](de rechtbank begrijpt: medeverdachte [medeverdachte 1] )
, [verdachte](de rechtbank begrijpt: verdachte)
, [medeverdachte 2](de rechtbank begrijpt: medeverdachte [medeverdachte 2] )
, [medeverdachte 3](de rechtbank begrijpt: medeverdachte [medeverdachte 3] )
. (…) Die jongens kwamen aan met de auto. [medeverdachte 1] , [medeverdachte 3] , [verdachte] en [medeverdachte 2] zijn terug gaan vechten. [16] (…) Ik zag mensen met voorwerpen in hun handen. Ik hoorde hen schreeuwen. Ik zag hen vechten en heb ook iemand op de grond zien liggen. [17]
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN HET FEIT
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF
9.BENADEELDE PARTIJ
10.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
11.BESLISSING
taakstraf van 40 uren;
de taakstraf niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat verdachte de hierna te melden algemene voorwaarde niet heeft nageleefd;
een proeftijd van 1 jaarvast;
- wijst de vordering van
- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan [slachtoffer 2] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 26 februari 2017 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander/anderen (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;
- verklaart [slachtoffer 2] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 2] aan de Staat € 1.750,- te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 26 februari 2017 tot de dag van de volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 17 dagen gijzeling;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of (een van) zijn mededader(s) op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed.
- wijst de vordering van
- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan [slachtoffer 1] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 26 februari 2017 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander/anderen (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;
- verklaart [slachtoffer 1] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 1] aan de Staat € 10.421,80 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 26 februari 2017 tot de dag van de volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 87 dagen gijzeling;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of (een van) zijn mededader(s) op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed.