ECLI:NL:RBMNE:2022:203
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op Ziektewet-uitkering wegens geschiktheid voor arbeid
Eiser meldde zich op 9 juni 2020 ziek vanuit de Werkloosheidswet met rug- en knieklachten. Het UWV besloot dat eiser geschikt was voor zijn maatgevende arbeid en daarom geen recht had op een Ziektewet-uitkering. Eiser maakte bezwaar en stelde beroep in tegen dit besluit.
De rechtbank onderzocht of eiser op 9 juni 2020 arbeidsongeschikt was voor zijn laatst verrichte arbeid. Medische rapportages van het UWV, waaronder aanvullingen na overlegging van nieuwe medische informatie over een meniscusscheur, concludeerden dat eiser geschikt was voor twee functies: Productiemedewerker industrie en Telefonisch verkoper. De rechtbank oordeelde dat deze rapportages voldeden aan de vereiste zorgvuldigheid en dat het UWV zich hierop mocht baseren.
Eiser voerde aan dat het medisch onderzoek onvoldoende was en dat zijn belastbaarheid onvoldoende was meegenomen, maar deze bezwaren werden door de rechtbank verworpen. De arbeidsdeskundige onderbouwde waarom de belastbaarheid van eiser niet werd overschreden in de genoemde functies. De rechtbank concludeerde dat eiser geen recht heeft op een Ziektewet-uitkering vanaf 9 juni 2020 en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit van het UWV bevestigd dat eiser geen recht heeft op een Ziektewet-uitkering vanaf 9 juni 2020.