ECLI:NL:RBMNE:2021:5918
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling toereikendheid uurtarief persoonsgebonden budget voor begeleiding thuis
Eiser ontving een maatwerkvoorziening op grond van de Wmo bestaande uit formele en informele begeleiding thuis, toegekend via een persoonsgebonden budget (pgb). Het geschil betrof de hoogte van het uurtarief voor informele zorg over de periode van 14 december 2020 tot en met 30 juni 2021, vastgesteld op €12,76 door verweerder, het college van burgemeester en wethouders van Lelystad.
Eiser stelde dat het tarief ontoereikend was omdat hij vanwege zijn complexe problematiek alleen zorg kon ontvangen van vertrouwde zorgverleners die een hoger tarief verlangden. Verweerder had het tarief vastgesteld op basis van het wettelijke minimumloon inclusief vakantiebijslag, conform de Verordening maatschappelijke ondersteuning Lelystad 2020.
De rechtbank oordeelde dat verweerder binnen zijn beleidsvrijheid handelde en dat het gehanteerde tarief passend was, aangezien eiser niet aannemelijk had gemaakt dat het tarief onvoldoende was om passende zorg in te kopen. De stelling dat alleen zorg van bekende zorgverleners acceptabel was, gaf geen aanleiding tot een ander oordeel. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
De uitspraak benadrukt de terughoudendheid van de rechterlijke toetsing aan beleidskeuzes van gemeenten bij maatwerkvoorzieningen en bevestigt dat een tarief op basis van het wettelijk minimumloon in beginsel toereikend is.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen het vastgestelde uurtarief van €12,76 voor informele zorg is ongegrond verklaard.