ECLI:NL:RBMNE:2021:5423
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen aanslagen afvalstoffen- en zuiveringsheffing; vergoeding overschrijding redelijke termijn toegekend
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen aanslagen afvalstoffenheffing en zuiveringsheffing die door verweerder zijn opgelegd voor het belastingjaar 2018. Verweerder heeft het bezwaar ongegrond verklaard, waarna eiser beroep instelde bij de rechtbank. De rechtbank oordeelt dat de aanslagen terecht aan eiser als eigenaar en gebruiker van de woningen zijn opgelegd, mede gelet op de situatie van onzelfstandige woonruimten en de gemeentelijke besluiten.
Eiser stelde dat hij niet de gebruiker is en dat de aanslagen aan de huurders opgelegd zouden moeten worden, maar dit verweer is verworpen. Daarnaast heeft eiser een verzoek ingediend tot vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn. De rechtbank stelt vast dat de totale procedure langer dan de redelijke termijn heeft geduurd, mede door de coronapandemie, maar dat de overschrijding volledig aan verweerder is toe te rekenen.
De rechtbank veroordeelt verweerder tot betaling van een schadevergoeding van €500,- aan eiser wegens deze overschrijding. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanslagen wordt ongegrond verklaard en verweerder wordt veroordeeld tot betaling van €500,- schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.