ECLI:NL:RBMNE:2021:5259
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening Wajong-uitkeringsbesluit wegens ontbreken nieuwe feiten
Eiseres verzocht het UWV om terug te komen op het eerdere besluit van 7 januari 2015 waarbij haar aanvraag voor een Wajong-uitkering werd afgewezen. Zij stelde dat haar aanvraag beoordeeld had moeten worden op basis van de Wajong 2010 in plaats van de Wajong 2015, omdat haar eerste ziektedag eerder lag dan door het UWV aangenomen.
Het UWV wees het verzoek af omdat er geen sprake was van nieuwe feiten of omstandigheden die een herziening rechtvaardigen. De rechtbank toetste dit besluit en concludeerde dat de door eiseres aangevoerde verklaringen niet als nieuw konden worden aangemerkt, aangezien deze al bij de eerste aanvraag of bezwaarprocedure hadden kunnen worden ingebracht.
Verder oordeelde de rechtbank dat het besluit niet evident onredelijk was, omdat het verzoek neerkwam op het opnieuw voeren van het debat over de oorspronkelijke afwijzing, waarvoor in deze procedure geen ruimte is. Ook was geen sprake van een laattijdige aanvraag, aangezien de eerste aanvraag reeds in 2014 was ingediend.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd gedaan door rechter R. in 't Veld op 1 oktober 2021.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit van het UWV om niet terug te komen op de afwijzing van de Wajong-aanvraag is ongegrond verklaard.