Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
ingeschreven in de Basisregistratie personen op het adres:
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
de rechtbank begrijpt: de inhoud van de aangifte) ten aanzien van smaad en stalking in de vorm van een klacht in de hoedanigheid van hulpofficier (Dossier I, pagina 10-12). Op grond van artikel 165 van Pro het Wetboek van Strafvordering (hierna: Sv) is elke hulpofficier bevoegd en verplicht tot ontvangst van de klacht. Uit de aangifte blijkt dat aangeefster heeft verklaard dat zij wil dat het gedrag van verdachte stopt. Bij de aangifte stelt aangeefster ook weer geluidsbestanden ter beschikking voor onderzoek. Gelet op voornoemde feiten en omstandigheden, in onderlinge samenhang bezien, is de rechtbank van oordeel dat [slachtoffer 1] ten aanzien van feit 1 tijdig aangifte heeft gedaan en een verzoek heeft gedaan tot vervolging van verdachte in het kader van de aangifte van belaging, een en ander als bedoeld in artikel 164 Sv Pro.
de rechtbank begrijpt melding)van 27 september 2017 ter zake van bedreiging en stalking door verdachte. Bij het doen van aangifte op 31 mei 2018 heeft aangeefster opnieuw verzocht het lastigvallen door verdachte te laten stoppen. Verder blijkt ook uit deze aangifte dat aangeefster de schade wil verhalen op verdachte en op de hoogte wil worden gehouden van de voortgang van het onderzoek. Op 3 juni 2018 heeft aangeefster ten behoeve van dit onderzoek een vijftal handgeschreven A4-tjes aangeleverd (Dossier II, pagina 43-48). In het nadere verhoor van 26 juli 2018 heeft aangeefster nogmaals te kennen gegeven dat verdachte ‘hiermee echt moet kappen’, dat zij wil worden geïnformeerd over het verloop en de afdoening van de strafzaak en dat zij door schadebemiddeling of voeging in het strafproces de schade wil verhalen (Dossier II, pagina 49-52). Aangeefster heeft ook daadwerkelijk een vordering tot schadevergoeding ingediend. Aangeefster heeft voor 17 september 2018 nog geluidsbestanden ter beschikking gesteld voor onderzoek. De rechtbank is van oordeel dat deze feiten en omstandigheden in onderlinge samenhang bezien, mede in het licht van het oordeel van de rechtbank over de ingediende klacht ten aanzien van het onder feit 1 ten laste gelegde, maken dat vastgesteld kan worden dat aangeefster ook de vervolgingswens had en heeft geuit ten aanzien van de vervolging van verdachte voor belaging onder feit 3.
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
de rechtbank begrijpt: 10 oktober 2017) is te horen dat hij mijn dochter bedreigd. Hij zegt dan tegen mij dat hij drugs in de mond van mijn dochter gaat stoppen. Ik weet zeker dat degene die mijn dochter bedreigd [verdachte] is omdat ik zijn stem voor 100% herken als de stem van [verdachte] . Ik ben bang dat hij zijn bedreigingen uitvoert.” [6]
- de bekennende verklaring van verdachte ter terechtzitting van 11 augustus 2021;
- een geschrift, te weten een gedragsaanwijzing conform artikel 509hh van het Wetboek van Strafvordering van 19 december 2017, inhoudende een contactverbod met [slachtoffer 1] voor de duur van 90 dagen, opgemaakt door het Openbaar Ministerie, Dossier II, doorgenummerde pagina 68;
- een geschrift, te weten een akte van uitreiking van de gedragsaanwijzing, van 3 januari 2018, op ambtseed opgemaakt en ondertekend, Dossier II, doorgenummerde pagina 69.
5.BEWEZENVERKLARING
- “Je weet het he, je gaat dood, je gaat dood, er gaan mensen naar je toe komen”;
- “Dat ze snel eh dat ze snel helemaal de kanker in wordt geneukt, dat gaat er gebeuren, zeg dat maar”;
- “Of ik nu vrij ben of niet, ik kan het ook via iemand anders laten doen. Heel simpel”;
- “Een hele dikke zwarte lul in haar reet”;
- “Een hele dikke zwarte lul in haar reet en ze zegt mamma help mij”;
- “Ja je kanker hoerendochter, die LSD in haar kankerbek krijgt”;
- “Og og jij gaat echt dood”;
- “Kankernerd, je zal echt kort leven nog, op alles wat me lief is. Als je dat maar weet”;
- “Je praat toch altijd zo link neem dan op met je kankerbek, linkert, alleen maar link doen dat is wat je ken je hele leven lang. Link doen, link doen en zielig aangiftes doen dat is hoe jij bent. Maar daar krijg je allemaal nog spijt van”;
- “Het word sowieso jij of die kanker blondje van je. Één van die twee. Als je dat maar weet kankerwijf”;
- “Og og nog heel ff en dan ga jij tussen de wormen leven. Uhum. Dus onthoud dat maar heel goed”;
- “Als ik vrij kom dat er maar één ding gaat gebeuren. Dat weet ik al, ja tuurlijk ze wordt kanker hard verkracht en dat weet je. Nee [slachtoffer 2] kanker hard ja. ja hoe dan ook, zonder condoom he, maar wel zonder condoom”;
- “Og og, og ja groetjes aan [slachtoffer 2] he liefie. Og ze gaat toch pijpen jongen hee. Pijpen gaat ze dan dan wordt ze gefilmd he”;
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF EN MAATREGEL
9.BENADEELDE PARTIJ
-redelijk en billijk.
-. De rechtbank zal dit bedrag toewijzen, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 10 juni 2018 tot de dag van volledige betaling. Voor het resterende deel van de gevorderde immateriële schade zal de rechtbank de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaren.
10.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
11.BESLISSING
taakstraf van 116 uren;
- legt aan verdachte op de maatregel strekkende tot beperking van de vrijheid voor
- beveelt dat verdachte
dadelijk uitvoerbaaris;
- wijst de
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer 1] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 10 juni 2018 tot de dag van volledige betaling;
- legt verdachte
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed.
- veelvuldig, althans meermalen (telkens) telefonisch contact gezocht met die [slachtoffer 1] , waarbij indien niet werd opgenomen eenmaal, althans meermalen die [slachtoffer 1] een sms-bericht ontving, dan wel eenmaal, althans meermalen (een) voicemailbericht(en) werd(en) achtergelaten en/of
- veelvuldig, althans meermalen (telkens) telefonisch contact gezocht met [A] – de huisbaas van die [slachtoffer 1] – en/of de oma van die [slachtoffer 1] , om zo contact te krijgen met die [slachtoffer 1] en/of
- een brief gezonden aan de moeder van die [slachtoffer 1] over die [slachtoffer 1] ;
- “Je weet het he, je gaat dood, je gaat dood, er gaan mensen naar je toe komen”;
- “Dat ze snel eh dat ze snel helemaal de kanker in wordt geneukt, dat gaat er gebeuren, zeg dat maar”;
- “Of ik nu vrij ben of niet, ik kan het ook via iemand anders laten doen. Heel simpel”;
- “Een hele dikke zwarte lul in haar reet”;
- “Een hele dikke zwarte lul in haar reet en ze zegt mamma help mij”;
- “Ja je kanker hoerendochter, die LSD in haar kankerbek krijgt”;
- “Og og jij gaat echt dood”;
- “Kankernerd, je zal echt kort leven nog, op alles wat me lief is. Als je dat maar weet”;
- “Je praat toch altijd zo link neem dan op met je kankerbek, linkert, alleen maar link doen dat is wat je ken je hele leven lang. Link doen, link doen en zielig aangiftes doen dat is hoe jij bent. Maar daar krijg je allemaal nog spijt van”;
- “Het word sowieso jij of die kanker blondje van je. Één van die twee. Als je dat maar weet kankerwijf”;
- “Og og nog heel ff en dan ga jij tussen de wormen leven. Uhum. Dus onthoud dat maar heel goed”;
- “Als ik vrij kom dat er maar één ding gaat gebeuren. Dat weet ik al, ja tuurlijk ze wordt kanker hard verkracht en dat weet je. Nee [slachtoffer 2] kanker hard ja. ja hoe dan ook, zonder condoom he, maar wel zonder condoom”;
- “Og og, og ja groetjes aan [slachtoffer 2] he liefie. Og ze gaat toch pijpen jongen hee. Pijpen gaat ze dan dan wordt ze gefilmd he”;