Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
primair),
dan welin die periode en plaats heeft geholpen bij genoemde inbraak (
subsidiair);
primair),
dan welop die datum en in die plaats heeft geholpen bij genoemde poging tot inbraak (
subsidiair);
primair),
dan welop die datum en in die plaats heeft geholpen bij genoemde inbraak (
subsidiair);
primair),
dan welop die datum en in die plaats heeft geholpen bij genoemde inbraak (
subsidiair),
dan welop die datum en in die plaats voornoemde goederen samen met anderen in bezit heeft gehad, terwijl hij wist of moest weten dat die goederen van een misdrijf afkomstig waren (
meer subsidiair);
primair),
dan welin die periode en plaats een fiets heeft vernield (
subsidiair);
4.VOORVRAGEN
5.WAARDERING VAN HET BEWIJS
- 14 karaat
- 14 karaat goud
- Waarde 585 goudprijs
- Werkwijze contante inkoop goud
- Inkoop goud
- De veiligste kluis Utrecht
veel gelach).
6.BEWEZENVERKLARING
7.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
8.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
9.OPLEGGING VAN STRAF
- meldplicht bij de reclassering;
- ambulante behandeling;
- begeleid wonen;
- controle op middelengebruik;
- contactverbod met de medeverdachten, met uitzondering van zijn stiefbroer [medeverdachte 5] .
10.BENADEELDE PARTIJ
11.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
12.BESLISSING
- verklaart de ten laste gelegde feiten bewezen zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld;
- verklaart het meer of anders ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij;
- verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in rubriek 6 is vermeld;
- verklaart verdachte strafbaar;
- veroordeelt verdachte tot een
- bepaalt dat de tijd door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht op de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;
- bepaalt dat van deze gevangenisstraf een
- stelt daarbij een proeftijd van twee jaren vast;
- als voorwaarden gelden dat verdachte:
- veroordeelt verdachte tot een
- beveelt dat voor het geval verdachte de taakstraf niet of niet naar behoren verricht de taakstraf wordt vervangen door 80 dagen hechtenis;
- wijst de vordering van [slachtoffer 6] toe tot een bedrag van € 1.461,99, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 26 oktober 2019;
- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling van het toegewezen bedrag aan [slachtoffer 6] , behalve voor zover deze vordering al door of namens een ander is betaald;
- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 6] € 1.461,99, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 26 oktober 2019, aan de Staat te betalen, behalve voor zover dit bedrag al door of namens een ander is betaald, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door gijzeling van 24 dagen. De toepassing van die gijzeling heft de hiervoor opgelegde verplichting niet op;
- bepaalt dat, indien en voor zover verdachte of een ander aan een van de genoemde betalingsverplichtingen heeft voldaan, daarmee de andere is vervallen;
- veroordeelt verdachte voorts in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- wijst de vordering van [slachtoffer 7] toe tot een bedrag van € 250,-, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 26 oktober 2019;
- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling van het toegewezen bedrag aan [slachtoffer 7] , behalve voor zover deze vordering al door of namens een ander is betaald;
- bepaalt dat de benadeelde partij voor het overige niet-ontvankelijk in de vordering is en bepaalt dat dit gedeelte kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 7] € 250,‑, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 26 oktober 2019, aan de Staat te betalen, behalve voor zover dit bedrag al door of namens een ander is betaald, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door gijzeling van 5 dagen. De toepassing van die gijzeling heft de hiervoor opgelegde verplichting niet op;
- bepaalt dat, indien en voor zover verdachte of een ander aan een van de genoemde betalingsverplichtingen heeft voldaan, daarmee de andere is vervallen;
- veroordeelt verdachte voorts in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;