ECLI:NL:RBMNE:2021:3437
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- S. van Kuijeren
- Rechtspraak.nl
Beoordeling duurzaamheid volledige arbeidsongeschiktheid WIA-uitkering
De zaak betreft een beroep tegen het UWV-besluit dat de werkneemster per 14 juli 2019 volledig arbeidsongeschikt is, maar niet duurzaam. De werkneemster was werkzaam als begeleidster van verstandelijk beperkten en meldde zich in 2010 ziek. Na diverse wijzigingen in haar arbeidsongeschiktheid werd zij per 14 juli 2019 als volledig arbeidsongeschikt aangemerkt.
Het geschil draait om de vraag of de arbeidsongeschiktheid duurzaam is. Het UWV baseerde zich op medische en arbeidskundige rapporten, waaronder een functionele mogelijkhedenlijst van juni 2018, en stelde dat er een redelijke verwachting is dat de behandeling binnen een jaar tot verbetering leidt. Eiseres betoogde dat de arbeidsongeschiktheid duurzaam is vanwege een instabiel ziektebeeld en complexe psychiatrische problematiek.
De rechtbank overwoog dat de verzekeringsarts een concrete en deugdelijke afweging moest maken over de kans op herstel. De rapporten van de arts-gemachtigde van eiseres en de verzekeringsarts bezwaar en beroep werden gewogen. De rechtbank volgde de verzekeringsarts die concludeerde dat de beperkingen niet zwaarder waren dan vastgesteld en dat herstel binnen één à twee jaar mogelijk is.
De rechtbank ziet geen aanleiding om aan de juistheid van de medische beoordeling te twijfelen en verklaart het beroep ongegrond. Er is geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door rechter S. van Kuijeren op 19 juli 2021.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het UWV-besluit dat de werkneemster volledig maar niet duurzaam arbeidsongeschikt is, blijft in stand.