ECLI:NL:RBMNE:2021:2083
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaard beroep tegen vaststelling aanvullende beurs en ouderbijdrage
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap waarin de ouderbijdrage en de aanvullende beurs voor zijn dochter zijn vastgesteld. De ouderbijdrage was aanvankelijk vastgesteld op €176,06 per maand voor de periode september tot en met december 2017, maar na bezwaar is deze verlaagd naar €145,81 per maand. Op basis hiervan werd de aanvullende beurs vastgesteld op €68,26 per maand.
Eiser betwist de juistheid van deze berekening en stelt dat met behulp van de rekenhulp van DUO een hoger bedrag van €168,- per maand zou moeten gelden. De rechtbank heeft het bewijs en de berekeningswijze van verweerder onderzocht en geoordeeld dat de berekening correct is uitgevoerd. Verweerder heeft het toetsingsinkomen van beide ouders over 2018 als uitgangspunt genomen en rekening gehouden met de status van het minderjarige kind als telkind.
De rechtbank concludeert dat eiser niet heeft aangetoond dat de aanvullende beurs onjuist is vastgesteld of dat onjuiste gegevens zijn gebruikt. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de vaststelling van de aanvullende beurs en ouderbijdrage wordt ongegrond verklaard.