ECLI:NL:RBMNE:2021:1102
Rechtbank Midden-Nederland
- Tussenuitspraak
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over vergunningplicht verplaatsen parkeerplaatsen en in- en uitrit
Eisers hebben een perceel gekocht binnen een nieuwbouwproject waarbij zij parkeerplaatsen in de achtertuin moesten accepteren. Zij wilden deze parkeerplaatsen en de in- en uitrit verplaatsen om hun achtertuin ruimer te maken en de garage beter bereikbaar te maken. Het college weigerde de omgevingsvergunning voor beide verplaatsingen en handhaafde dit besluit na bezwaar.
De rechtbank oordeelt dat het verplaatsen van de parkeerplaatsen geen vergunningplichtige activiteit betreft, omdat dit niet onder bouwen valt en niet strijdig is met het bestemmingsplan. Het college heeft dit onjuist beoordeeld en de aanvraag ten onrechte geweigerd.
Voor het verplaatsen van de in- en uitrit is wel een vergunning nodig. De rechtbank vindt echter dat het college zijn weigering onvoldoende heeft gemotiveerd, met name omdat het advies waarop het college zich baseert niet afkomstig is van een verkeersdeskundige. Het college krijgt daarom de gelegenheid het besluit te herstellen of te herzien.
De rechtbank stelt een termijn van zes weken voor het college om het besluit te herstellen en houdt verdere beslissingen aan tot de einduitspraak. De procedure wordt beperkt tot de herstelpunten, waarbij nieuwe geschilpunten niet worden toegelaten.
Uitkomst: Het college moet het besluit over de in- en uitrit beter motiveren of herzien binnen zes weken; voor het verplaatsen van parkeerplaatsen is geen vergunning nodig.