ECLI:NL:RBMNE:2020:3923
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling omgevingsvergunning onderkelderen woning in strijd met bestemmingsplan en Bouwbesluit
De vergunninghouder heeft een omgevingsvergunning aangevraagd voor het onderkelderen van een twee-onder-één-kapwoning te Huizen. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Huizen verleende deze vergunning, waarna eiser bezwaar maakte en vervolgens beroep instelde tegen het besluit.
De rechtbank beoordeelt of het bouwplan voldoet aan het bestemmingsplan 'Dorp' en het Bouwbesluit. De vergunning is een gebonden beschikking op grond van artikel 2.10 van de Wabo, wat betekent dat de vergunning niet geweigerd kan worden als het bouwplan niet in strijd is met de limitatief genoemde weigeringsgronden.
Eiser stelt onder meer dat de wijziging van de gebruiksfunctie onterecht als ondergeschikt is gekwalificeerd, dat het bouwplan strijdig is met het bestemmingsplan en dat de kelder mogelijk als woonfunctie zal worden gebruikt. De rechtbank oordeelt dat de wijziging van ondergeschikte aard is, het bouwplan niet strijdig is met het bestemmingsplan, en dat de kelder niet als woonfunctie zal worden gebruikt, mede door de aan de vergunning verbonden voorwaarde.
Daarnaast wijst de rechtbank de bezwaren over aantasting van woongenot en het ontgravingsplan af, omdat deze geen rol spelen bij de vergunningverlening onder het bestemmingsplan en Bouwbesluit. Gezien het karakter van de vergunningverlening kon verweerder de vergunning niet weigeren. Het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de verleende omgevingsvergunning wordt ongegrond verklaard.