Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de meervoudige kamer van 11 maart 2019 in de zaak tussen
de besloten vennootschap Fastned B.V., te Amsterdam (gemachtigde: mr. L.P.W. Mensink).
Rechtbank Midden-Nederland
De minister van Infrastructuur en Waterstaat heeft aan Fastned B.V. een vergunning verleend voor het realiseren en exploiteren van een snellaadstation met vier snelladers op verzorgingsplaats De Hackelaar langs de A1. Autobedrijf De Wegman-Muiden B.V., exploitant van een tankstation op dezelfde locatie, stelde dat de vergunning onzorgvuldig en niet transparant was verleend en dat het doelmatig en veilig gebruik van de verzorgingsplaats in gevaar kwam.
De rechtbank stelt vast dat de aanvraag van Fastned uit december 2011 geldig is en dat de lange procedure te wijten is aan de herinrichting van de verzorgingsplaats. Er was geen verplichting voor de minister om opnieuw te inventariseren of er nieuwe aanvragers waren. De vergunning is verleend voor het aangevraagde snellaadstation met vier snelladers en de minister heeft een verkeersonderzoek uitgevoerd waarop zij zich mocht baseren.
De rechtbank oordeelt dat de procedure zorgvuldig en transparant is verlopen, dat de vergunning niet méér verleent dan aangevraagd, en dat de bezwaren over parkeerplaatsen, picknickplaatsen, technische ruimte en verkeersveiligheid onvoldoende zijn onderbouwd. Ook het beroep op het vertrouwensbeginsel faalt omdat geen concrete toezeggingen zijn gedaan. Het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de vergunningverlening aan Fastned voor het snellaadstation op verzorgingsplaats De Hackelaar wordt ongegrond verklaard.