De werknemer, sinds 1997 in dienst bij De Volksbank, werd door reorganisatie herplaatst met een Persoonlijk Activiteiten Plan (PAP) voor de functie Financieel Adviseur. Ondanks haar bezwaren en burn-outklachten werd zij definitief benoemd. Na langdurige ziekte en re-integratiepogingen die niet succesvol waren, bleef de werkgever vasthouden aan terugkeer in haar oude functie, terwijl de werknemer aangaf deze niet te kunnen vervullen.
De kantonrechter oordeelt dat de arbeidsrelatie ernstig verstoord is en dat De Volksbank haar re-integratieverplichtingen ernstig heeft veronachtzaamd door onvoldoende passende alternatieven te bieden en druk uit te oefenen. Dit ernstig verwijtbaar handelen leidt tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst op verzoek van de werknemer.
De werknemer krijgt recht op een transitievergoeding van €41.437,31 en een billijke vergoeding van €20.000,- wegens de gevolgen van het verwijtbaar handelen. De proceskosten worden begroot op €1.876,- en aan de werknemer toegewezen. De overige vorderingen worden afgewezen.