Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de meervoudige kamer van 16 januari 2018 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser
de korpschef van politie, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
.Aan eiser is op 28 oktober 2003 toestemming verleend om nevenwerkzaamheden te verrichten gedurende één uur per week, in de vorm van het geven van lessen in Krav Maga. In vervolg hierop heeft verweerder bij besluit gedateerd 10 november 2003 eiser laten weten dat hij geen toestemming heeft voor het hebben van een eigen sportschool c.q. het meer uren sport les geven dan hetgeen is gevraagd, namelijk 1 uur per week. De toestemming om nevenwerkzaamheden te verrichten is met ingang van 8 maart 2004 uitgebreid met 1,5 uur per week. In dit besluit is eiser er verder op gewezen dat het uitoefenen van zijn nevenfunctie gedurende (gedeeltelijke) arbeidsongeschiktheid niet meer is toegestaan. Bij besluit van 24 februari 2009 is de arbeidstijd van eiser met ingang van 1 mei 2009 gewijzigd van 36 uur per week, naar 24 uur per week. In 2009 heeft verweerder aan eiser de straf van voorwaardelijk ontslag opgelegd met een proeftijd van twee jaar. Verweerder heeft in dit kader overwogen dat eiser plichtsverzuim heeft gepleegd door onder andere te werken als sportinstructeur, terwijl hij zich bij verweerder ziek had gemeld. Dit besluit staat in rechte vast. Eiser heeft zich vervolgens op 29 november 2015 ziek gemeld. Bij verweerder bestond het vermoeden dat eiser gedurende dat ziekteverzuim werkzaamheden verrichtte voor een eigen bedrijf (gespecialiseerd in Krav Maga) en dat hij ten behoeve van dit bedrijf heeft deelgenomen aan een seminar in het buitenland
.Verweerder heeft daarom het bureau Veiligheid, Integriteit en Klachten (VIK) ingeschakeld om een onderzoek in te stellen. Dit onderzoek is op 26 april 2016 afgerond. De bevindingen van dit onderzoek zijn neergelegd in een rapportage van 21 juni 2016.
a) het voeren van een onderneming op eigen naam, terwijl eiser hiervoor een verbod is opgelegd