Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling op 28 juni 2017 in de zaak met zaaknummer C/16/440233 / KG ZA 17-412 tussen [A] als eiser (in conventie) en [verzoekster] als gedaagde (in conventie), waarbij mr. D.J. van Maanen is gewraakt door verzoekster;
- de e-mail van 29 juni 2017 (10:01 uur) van verzoekster waarbij het wrakingsverzoek op een aantal punten is aangevuld;
- de e-mail in CC van 29 juni 2017 10:14 uur) van verzoekster aan mr. K.J.T. Boersma;
- de e-mail van 29 juni 2017 (11:35 uur) van het advocatenkantoor Bierman Advocaten te Tiel met twee bijlagen;
- de e-mails van 29 juni 2017 (13:35 uur) en 3 juli 2017 (11:09 uur en 13:29 uur) van verzoekster;
- de e-mail van 3 juli 2017 (13:46 uur) met bijlage van verzoekster houdende een aanvullende wrakingsgrond;
- de schriftelijke reactie van mr. Van Maanen.
- verzoekster en haar gemachtigde de heer [gemachtigde] ;
- de heer [A] en zijn advocaat mr. K.J.T. Boersma te Tiel;
- mr. D.J. van Maanen.