ECLI:NL:RBMNE:2016:5420
Rechtbank Midden-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot beëindiging partneralimentatie wegens grievend gedrag en samenwoning
Partijen zijn in 1995 gehuwd en in 2006 gescheiden. De man betaalt partneralimentatie, geïndexeerd tot €3.756,54 per maand. Hun zoon overleed in 2016 na een verkeersongeluk. De man verzocht de alimentatie te beëindigen vanwege grievend gedrag van de vrouw rondom het overlijden en subsidiair wegens samenwoning van de vrouw met een nieuwe partner en het ontbreken van behoeftigheid.
De rechtbank stelde vast dat de vrouw de man niet informeerde over het ongeluk en de medische beslissingen, wat verwijtbaar is, maar niet opzettelijk grievend gedrag oplevert dat de alimentatieplicht beëindigt. Er was geen bewijs van samenwoning als huwelijk en de stelling dat de vrouw niet behoeftig zou zijn, faalde vanwege het niet-wijzigingsbeding in de alimentatieovereenkomst.
De rechtbank concludeerde dat de lotsverbondenheid niet is verbroken en dat het verzoek tot beëindiging van de alimentatie niet toewijsbaar is. De verzoeken van de man werden daarom afgewezen.
Uitkomst: Verzoek tot beëindiging of matiging van partneralimentatie wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van grievend gedrag of samenwoning.