Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de meervoudige kamer van 2 september 2016 in de zaak tussen
Procesverloop
Overwegingen
De SAOZ heeft op de kritiekpunten van eiseres gereageerd met een nader rapport van 19 mei 2016. Verweerder heeft zijn standpunt gehandhaafd.
De SAOZ heeft voor de berekening van de uit de omzetdaling voortvloeiende schade een vergelijking gemaakt tussen de situatie waarin de woonwinkel zich tijdens en na de wegwerkzaamheden bevond en de hypothetische situatie waarin de woonwinkel zich zou hebben bevonden als de werkzaamheden zich niet zouden hebben voorgedaan. Dit is door de SAOZ ter zitting toegelicht als een meer boekhoudkundige benadering dan de rekenkundige benadering van Groenendijk . De omzet die naar redelijke verwachting zou zijn behaald in de schadeperiode, de werkzaamheden weggedacht, wordt bepaald aan de hand van de in een referentieperiode daadwerkelijk behaalde omzetten. De berekeningsmethode is gebaseerd op door eiseres aangeleverde omzetgegevens en jaarrekeningen en is dus controleerbaar. Op de gemiddelde omzet uit de referentieperiode wordt een branchecorrectie en/of zo nodig een correctie voor andere relevante ontwikkelingen (zoals inflatie) toegepast. Daarbij speelt de feitelijke context van marktontwikkelingen en consumentengedrag een rol.
De door de SAOZ gehanteerde berekeningsmethode acht de rechtbank, in navolging van de ABRvS, op zichzelf dus redelijk en aanvaardbaar. Eiseres zal dus concrete feiten en omstandigheden moeten aandragen waarom toch getwijfeld kan worden aan de berekening van de SAOZ.
Dat wat eiseres naar voren heeft gebracht over het normaal maatschappelijk risico is onvoldoende voor de conclusie dat het door de SAOZ gehanteerde kortingspercentage niet redelijk en aanvaardbaar is. De beroepsgrond slaagt niet.
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit voor zover daarbij is bepaald dat verweerder de wettelijke rente vergoedt vanaf 3 december 2014;